Wat betekent pratico in Italiaans?

Wat is de betekenis van het woord pratico in Italiaans? Het artikel legt de volledige betekenis uit, de uitspraak samen met tweetalige voorbeelden en instructies voor het gebruik van pratico in Italiaans.

Het woord pratico in Italiaans betekent uitoefenen, handig, nuttig, praktisch, handig, nuttig, ervarings-, vertrouwd zijn met, op de hoogte zijn van, functioneel, bruikbaar, bedreven, deskundig, praktisch, efficiënt, functioneel, no-nonsense, nuchter, prozaïsch, praktisch, concreet, empirisch, ervaren, geroutineerd, pragmatisch, niet sentimenteel, bedreven, haalbaar, hanteerbaar, kundig, bekwaam, praktijk, met pen-en-gatverbinding samenvoegen, boksen, dokter zijn, een vrije val maken, euthanaseren, advocaat zijn, korting geven, laten inslapen, een spuitje geven. Raadpleeg de onderstaande details voor meer informatie.

Luister naar uitspraak

Betekenis van het woord pratico

uitoefenen

verbo transitivo o transitivo pronominale

Questo dottore ha esercitato la professione di medico per anni.

handig, nuttig

Le corde sono pratiche quando si fa escursionismo.

praktisch, handig

Eugene è molto pratico: sa fare scaffalature e fare riparazioni in casa.

nuttig

I loro mobili erano molto semplici e funzionali.

ervarings-

(in samenstellingen)

Ci sono alcuni requisiti empirici che i candidati devono soddisfare.

vertrouwd zijn met, op de hoogte zijn van

functioneel, bruikbaar

L'arredamento di Kate era spartano e funzionale.

bedreven, deskundig

Frank è un nuotatore esperto.

praktisch, efficiënt, functioneel

aggettivo

Questa app è molto pratica e mi aiuta in molti modi.

no-nonsense, nuchter, prozaïsch

aggettivo

praktisch, concreet

aggettivo

Andrew non aveva molta voglia di tornare a vivere dai suoi genitori dopo l'università ma si rendeva conto che era la cosa più pratica da fare.

empirisch

aggettivo

La ricerca empirica mostra che il metodo funziona.

ervaren, geroutineerd

aggettivo

Sono trent'anni che John guida, il che fa di lui un guidatore esperto.

pragmatisch

aggettivo (persona)

Rachel è pragmatica con i soldi; li spende saggiamente.

niet sentimenteel

bedreven

haalbaar, hanteerbaar

Mi rincresce dirlo ma il mio carico di lavoro non è più gestibile.

kundig, bekwaam

aggettivo

Glenn è un venditore esperto.

praktijk

(beroep)

met pen-en-gatverbinding samenvoegen

boksen

(sport)

A Sean e a suo fratello piace boxare.

dokter zijn

verbo transitivo o transitivo pronominale

Pratica la professione medica presso il St. Patrick Hospital.

een vrije val maken

verbo transitivo o transitivo pronominale (parachutespringen)

Bert ama l'eccitazione che gli prende quando pratica paracadutismo sportivo.

euthanaseren

verbo transitivo o transitivo pronominale (su una persona)

advocaat zijn

verbo transitivo o transitivo pronominale

Sean pratica la professione legale da cinque anni.

korting geven

Al ristorante ci hanno fatto uno sconto del 10% dal conto.

laten inslapen, een spuitje geven

verbo transitivo o transitivo pronominale (su un animale) (van een dier, fig.)

Laten we Italiaans leren

Dus nu je meer weet over de betekenis van pratico in Italiaans, kun je leren hoe je ze kunt gebruiken aan de hand van geselecteerde voorbeelden en hoe je lees ze. En vergeet niet om de verwante woorden die we voorstellen te leren. Onze website wordt voortdurend bijgewerkt met nieuwe woorden en nieuwe voorbeelden, zodat u de betekenissen van andere woorden die u niet kent, kunt opzoeken in Italiaans.

Ken je iets van Italiaans

Italiaans (italiano) is een Romaanse taal en wordt gesproken door ongeveer 70 miljoen mensen, van wie de meesten in Italië wonen. Italiaans gebruikt het Latijnse alfabet. De letters J, K, W, X en Y komen niet voor in het standaard Italiaanse alfabet, maar komen wel voor in leenwoorden uit het Italiaans. Italiaans is de tweede meest gesproken taal in de Europese Unie met 67 miljoen sprekers (15% van de EU-bevolking) en het wordt als tweede taal gesproken door 13,4 miljoen EU-burgers (3%). Italiaans is de belangrijkste werktaal van de Heilige Stoel en dient als de lingua franca in de rooms-katholieke hiërarchie. Een belangrijke gebeurtenis die heeft bijgedragen aan de verspreiding van het Italiaans was de verovering en bezetting van Italië door Napoleon in het begin van de 19e eeuw. Deze verovering stimuleerde de eenwording van Italië enkele decennia later en duwde de taal van de Italiaanse taal. Italiaans werd een taal die niet alleen werd gebruikt door secretarissen, aristocraten en de Italiaanse rechtbanken, maar ook door de bourgeoisie.