Wat betekent ostacolo in Italiaans?

Wat is de betekenis van het woord ostacolo in Italiaans? Het artikel legt de volledige betekenis uit, de uitspraak samen met tweetalige voorbeelden en instructies voor het gebruik van ostacolo in Italiaans.

Het woord ostacolo in Italiaans betekent in de weg staan, vertragen, belemmeren, hinderen, niet laten scoren, belemmeren, hinderen, remmen, voorkomen, weerstand bieden, dwarsbomen, tegenwerken, hinderen, tegenhouden, iemand aan handen en voeten binden, hinderen, belemmeren, naar de achtergrond verdringen, afremmen, belemmeren, hinderen, dwarsbomen, belasten, beladen, interfereren met, tenietdoen, hinderen, storen, verhinderen, dwarsbomen, iemand tegenhouden, hinderen, belemmeren, horde, obstakel, obstakel, lastige gedeelte, obstakel, hindernis, uitsluiting, barrière, probleem, verstopping, moeilijkheid, belemmering, hindernis, belemmering, remming, hindernis, hindernis, belemmering, hindernis, obstakel, stuklopen, stranden, tegenslag, belemmering, blok aan het been, dwarsboming, verhindering, obstakel, storing, tegenslag, verstopping, verdraaien van de rechtsgang, manipuleren van de rechtsgang. Raadpleeg de onderstaande details voor meer informatie.

Luister naar uitspraak

Betekenis van het woord ostacolo

in de weg staan

verbo transitivo o transitivo pronominale

Se questa è la tua decisione, perseguila pure; io non ti ostacolerò.

vertragen

(progetto)

Il cattivo tempo ostacolò seriamente i progressi del progetto.

belemmeren, hinderen

(persona)

Daniel era in ritardo al lavoro perché la tempesta lo aveva ostacolato.

niet laten scoren

Il fallimento della squadra di ostacolare gli avversari era molto preoccupante.

belemmeren, hinderen, remmen

L'incompetenza del manager ha ostacolato l'avanzamento del progetto.

voorkomen

verbo transitivo o transitivo pronominale

L'azienda rivale ha ostacolato la nostra offerta di acquisto vendendo le sue azioni.

weerstand bieden

verbo transitivo o transitivo pronominale

I membri del circolo hanno boicottato Samantha dopo aver scoperto che li aveva traditi.

dwarsbomen, tegenwerken

Gli avversari della squadra di calcio ostacolarono tutti i suoi tentativi prendendo sempre il possesso della palla.

hinderen, tegenhouden

Le manette intralciavano il fuggitivo che è stato ricatturato in poco tempo.

iemand aan handen en voeten binden

verbo transitivo o transitivo pronominale (figuurlijk)

hinderen, belemmeren

naar de achtergrond verdringen

(figuurlijk)

Il giornalismo locale è stato intralciato dall'eruzione vulcanica.

afremmen, belemmeren, hinderen

verbo transitivo o transitivo pronominale

Il terreno accidentato ha ostacolato l'avanzata degli escursionisti.

dwarsbomen

verbo transitivo o transitivo pronominale

I suoi piani hanno ostacolato quelli del suo nemico.

belasten, beladen

(in senso astratto)

Il pacco pesante gravava sulla schiena di Mary mentre lei saliva sulla collina.

interfereren met

Il forno a microonde interferiva con il segnale.

tenietdoen

Un uso impoverito del linguaggio vanifica il raggiungimento degli scopi della comunicazione.

hinderen, storen

verbo transitivo o transitivo pronominale

Quel meschino del collega di Irene ha tentato di tutto per intralciare lo svolgimento del suo progetto.

verhinderen, dwarsbomen

verbo transitivo o transitivo pronominale

La montagna sembra vanificare ogni tentativo di scalarla.

iemand tegenhouden

verbo transitivo o transitivo pronominale (figuurlijk)

Vuole diventare un'attrice, ma la mancanza di talento la sta trattenendo.
Ze wil een actrice worden, maar een gebrek aan talent houdt haar tegen.

hinderen, belemmeren

verbo transitivo o transitivo pronominale

La visibilità del cavallo era ostacolata dal paraocchi.

horde

sostantivo maschile (atletica) (atletiek)

Il corridore ha saltato l'ostacolo e ha vinto la gara.

obstakel

sostantivo maschile

La polizia sul posto ha rimosso gli ostacoli dalla carreggiata.

obstakel

(figurato) (figuurlijk)

Il tuo atteggiamento pessimistico è un ostacolo al raggiungimento del successo.

lastige gedeelte

(figurato: difficoltà)

obstakel

sostantivo maschile (figurato: difficoltà) (figuurlijk)

Fred ha dovuto superare molti ostacoli per comprarsi una casa.

hindernis

sostantivo maschile (golf) (golf)

Questa buca ha un ostacolo di sabbia.

uitsluiting

barrière

(figurato) (figuurlijk)

La contrarietà del manager è una vera barriera al programma.

probleem

verstopping

C'è un'ostruzione nel tubo.

moeilijkheid, belemmering

Vuoi che lasci mia moglie, ma devi capire che la amo: ecco la difficoltà.

hindernis, belemmering, remming

sostantivo maschile

La madre di Stacy riteneva che il ragazzo di sua figlia avrebbe rappresentato un ostacolo per il suo successo.

hindernis

La gamba rotta era un grosso impedimento, ma James alla fine ce la fece ugualmente.

hindernis, belemmering

sostantivo maschile

hindernis

sostantivo maschile

La lentezza di Kelly si rivelò un ostacolo durante l'escursione in montagna.

obstakel

sostantivo maschile

La gelosia è un ostacolo a una relazione sana.

stuklopen, stranden

Il progetto ha incontrato un ostacolo quando un incidente ha bloccato la linea di produzione.

tegenslag

Il progetto ha subito una battuta d'arresto quando uno degli impiegati chiave è dovuto assentarsi dal lavoro per due mesi per una malattia.

belemmering

sostantivo maschile

Il nuovo muro sarà un ostacolo contro i ladri.

blok aan het been

sostantivo maschile (figurato) (figuurlijk)

L'istruzione di Frank era un ostacolo quando cercava lavoro perché risultava troppo qualificato.

dwarsboming, verhindering

sostantivo maschile

Il contrasto agli sforzi del presidente sembra essere l'obiettivo del partito.

obstakel

storing, tegenslag

sostantivo maschile

Il piano di Harriet procedeva senza ostacoli.

verstopping

C'è un ostacolo nel tubo e ora c'è acqua su tutto il pavimento.

verdraaien van de rechtsgang, manipuleren van de rechtsgang

verbo transitivo o transitivo pronominale

Le sue menzogne in questo processo hanno ostacolato il corso della giustizia.

Laten we Italiaans leren

Dus nu je meer weet over de betekenis van ostacolo in Italiaans, kun je leren hoe je ze kunt gebruiken aan de hand van geselecteerde voorbeelden en hoe je lees ze. En vergeet niet om de verwante woorden die we voorstellen te leren. Onze website wordt voortdurend bijgewerkt met nieuwe woorden en nieuwe voorbeelden, zodat u de betekenissen van andere woorden die u niet kent, kunt opzoeken in Italiaans.

Ken je iets van Italiaans

Italiaans (italiano) is een Romaanse taal en wordt gesproken door ongeveer 70 miljoen mensen, van wie de meesten in Italië wonen. Italiaans gebruikt het Latijnse alfabet. De letters J, K, W, X en Y komen niet voor in het standaard Italiaanse alfabet, maar komen wel voor in leenwoorden uit het Italiaans. Italiaans is de tweede meest gesproken taal in de Europese Unie met 67 miljoen sprekers (15% van de EU-bevolking) en het wordt als tweede taal gesproken door 13,4 miljoen EU-burgers (3%). Italiaans is de belangrijkste werktaal van de Heilige Stoel en dient als de lingua franca in de rooms-katholieke hiërarchie. Een belangrijke gebeurtenis die heeft bijgedragen aan de verspreiding van het Italiaans was de verovering en bezetting van Italië door Napoleon in het begin van de 19e eeuw. Deze verovering stimuleerde de eenwording van Italië enkele decennia later en duwde de taal van de Italiaanse taal. Italiaans werd een taal die niet alleen werd gebruikt door secretarissen, aristocraten en de Italiaanse rechtbanken, maar ook door de bourgeoisie.