Wat betekent causa in Italiaans?

Wat is de betekenis van het woord causa in Italiaans? Het artikel legt de volledige betekenis uit, de uitspraak samen met tweetalige voorbeelden en instructies voor het gebruik van causa in Italiaans.

Het woord causa in Italiaans betekent zaak, reden, begweegreden, zaak, rechtszaak, onderwerp, proces, aanklacht, rechtszaak, verweer, pleidooi, rechtszaak, boosdoener, basis, oorzaak, motivatie, motivering, veroorzaken, teweeg brengen, veroorzaken, teweegbrengen, , veroorzaken, aanleiding geven tot, teweegbrengen, veroorzaken, veroorzaken, opwekken, opwekken, ontwikkelen, iets produceren, veroorzaken, teweegbrengen, opwekken, maken, veroorzaken, uitlokken, oorzaak, aanleiding, belanghebbend, betrokken, vanwege, wegens, honorair, zeker, wegens, vanwege, afgelasting door regen, oorzaak en gevolg, verloren zaak, kansloze zaak, wegens, oude koeien uit de sloot halen, gezamenlijk optreden, aanklagen, ineenstorting, val, afknapper, koude douche, vanwege, door, verderf, oorzaak, aanleiding, flikkeren, een eis instellen tot, bepleiten, verdedigen, inroepen, toepassen, verantwoordelijk, reden, aanleiding, directe aanleiding. Raadpleeg de onderstaande details voor meer informatie.

Luister naar uitspraak

Betekenis van het woord causa

zaak

sostantivo femminile

Gli studenti stanno facendo volontariato per una buona causa.

reden, begweegreden

Il sospetto deve dimostrare di aver agito per una buona causa.

zaak, rechtszaak

(legale)

La causa è stata portata davanti a un giudice.

onderwerp

Il matrimonio della coppia è stato causa di molti pettegolezzi.

proces

sostantivo femminile (legale)

La società ha intentato una causa contro la concorrenza per violazione di brevetto.

aanklacht, rechtszaak

sostantivo femminile

Con la querela si accusava l'azienda di aver rubato la loro proprietà intellettuale.

verweer, pleidooi

(diritto) (juridisch)

L'imputato ha inoltrato una dichiarazione di non colpevolezza.

rechtszaak

boosdoener

basis, oorzaak

(parte essenziale)

Andiamo al fondo del problema.

motivatie, motivering

veroorzaken, teweeg brengen

verbo transitivo o transitivo pronominale

L'alto tasso di inflazione ha causato il panico in borsa.

veroorzaken, teweegbrengen

veroorzaken

verbo transitivo o transitivo pronominale

Il comportamento di Charlie ha causato molto struggimento.

aanleiding geven tot

La carenza di cibo diede luogo a sommosse.

teweegbrengen, veroorzaken

verbo transitivo o transitivo pronominale

I tumulti hanno causato il panico nell'intero paese.

veroorzaken

verbo transitivo o transitivo pronominale

L'aumento improvviso del prezzo degli alimentari ha provocato rivolte.

opwekken

verbo transitivo o transitivo pronominale

Le sue allusioni alla chiusura delle miniere hanno provocato l'ira della folla.

opwekken

verbo transitivo o transitivo pronominale (medisch)

Il dottore ha indotto il coma nel paziente per evitare danni cerebrali.

ontwikkelen

La delegazione francese ha dato origine a una proposta, che però è stata respinta.

iets produceren

(causare)

Un buon lavoro di squadra porta ad una maggiore produttività sul posto di lavoro.

veroorzaken, teweegbrengen

I furti d'appartamento hanno determinato una maggiore presenza della polizia.

opwekken

verbo transitivo o transitivo pronominale

La storia sui giornali ha destato solidarietà nei confronti della famiglia.

maken, veroorzaken

verbo transitivo o transitivo pronominale

I cani hanno creato scompiglio per strada.

uitlokken

Le goffe negoziazioni del diplomatico hanno provocato un disastro,

oorzaak, aanleiding

sostantivo femminile

La causa dell'esplosione è stata una scintilla.

belanghebbend

Il direttore delle risorse umane ha discusso il problema con tutte le parti interessate.

betrokken

(diritto)

Tutte le parti interessate erano alla riunione per decidere il futuro dell'azienda.

vanwege, wegens

È stato bocciato agli esami per non aver studiato abbastanza.

honorair

(laurea)

Al poeta fu data una laurea ad honorem dall'università.

zeker

Lo sai davvero o stai solo tirando ad indovinare?

wegens, vanwege

preposizione o locuzione preposizionale

Il picnic è stato annullato a causa della pioggia.

afgelasting door regen

oorzaak en gevolg

sostantivo maschile

Il principio di causa ed effetto (karma) è un concetto fondamentale del buddismo.

verloren zaak, kansloze zaak

sostantivo femminile (figurato: senza speranza)

Possiamo anche rinunciare a questo progetto, è una causa persa.

wegens

preposizione o locuzione preposizionale

John e Julie erano in ritardo a causa del traffico.

oude koeien uit de sloot halen

(figurato, colloquiale, idiomatico) (figuurlijk)

Ho cercato di convincerlo a venire con noi, ma è stato come pestare l'acqua nel mortaio.

gezamenlijk optreden

verbo transitivo o transitivo pronominale (collaborare)

Il sindacato ha fatto causa comune con il governo per evitare che la fabbrica fosse delocalizzata.

aanklagen

verbo transitivo o transitivo pronominale

Ian ha fatto causa ai suoi datori di lavoro dopo il suo incidente sul lavoro.

ineenstorting, val

sostantivo femminile

Era assuefatta all'attenzione della stampa e questo si rivelò la causa della sua rovina.

afknapper, koude douche

(fig., informeel)

vanwege, door

Sono arrivato in ritardo a causa del traffico.

verderf

sostantivo femminile (figuurlijk)

I suoi gusti costosi furono la rovina del loro matrimonio.

oorzaak, aanleiding

sostantivo femminile

L'infortunio del nostro giocatore di punta fu la causa scatenante della sconfitta della nostra squadra.

flikkeren

(luce, elettricità)

een eis instellen tot

verbo transitivo o transitivo pronominale (juridisch)

I sopravvissuti dell'incidente aereo spesso fanno causa per danni. Alcuni genitori divorziati fanno causa per avere la piena custodia dei propri figli.

bepleiten, verdedigen

(diritto, processo) (juridisch)

inroepen, toepassen

Per permettere a una società di funzionare dobbiamo invocare la legge.

verantwoordelijk

aggettivo (che hanno causato)

reden

Sono curiosi circa il motivo della nostra decisione.

aanleiding, directe aanleiding

sostantivo femminile

La causa scatenante della guerra fu l'assassinio dell'arciduca.

Laten we Italiaans leren

Dus nu je meer weet over de betekenis van causa in Italiaans, kun je leren hoe je ze kunt gebruiken aan de hand van geselecteerde voorbeelden en hoe je lees ze. En vergeet niet om de verwante woorden die we voorstellen te leren. Onze website wordt voortdurend bijgewerkt met nieuwe woorden en nieuwe voorbeelden, zodat u de betekenissen van andere woorden die u niet kent, kunt opzoeken in Italiaans.

Ken je iets van Italiaans

Italiaans (italiano) is een Romaanse taal en wordt gesproken door ongeveer 70 miljoen mensen, van wie de meesten in Italië wonen. Italiaans gebruikt het Latijnse alfabet. De letters J, K, W, X en Y komen niet voor in het standaard Italiaanse alfabet, maar komen wel voor in leenwoorden uit het Italiaans. Italiaans is de tweede meest gesproken taal in de Europese Unie met 67 miljoen sprekers (15% van de EU-bevolking) en het wordt als tweede taal gesproken door 13,4 miljoen EU-burgers (3%). Italiaans is de belangrijkste werktaal van de Heilige Stoel en dient als de lingua franca in de rooms-katholieke hiërarchie. Een belangrijke gebeurtenis die heeft bijgedragen aan de verspreiding van het Italiaans was de verovering en bezetting van Italië door Napoleon in het begin van de 19e eeuw. Deze verovering stimuleerde de eenwording van Italië enkele decennia later en duwde de taal van de Italiaanse taal. Italiaans werd een taal die niet alleen werd gebruikt door secretarissen, aristocraten en de Italiaanse rechtbanken, maar ook door de bourgeoisie.